CORNELIA BRINKMAN EN LOUIS LEHMANN

Louis Lehmann (1920-2012) en Cornelia Brinkman waren in de jaren '40/begin '50 enige tijd collega's bij Uitgeverij Sijthoff (voluit: A.W. Sijthoff's Uitgeversmaatschappij) te Leiden. Zij werkten daar beiden o.a. voor de zgn. Brinkman's Catalogus en schreven beiden recensies voor de Nederlandsche Bibliographie.

Ook woonde zowel Lehmann als Brinkman enige tijd op kamers op Plantsoen 51 te Leiden.*

In het Franstalige dagboek dat Lehmann in 1942 bijhield, wordt "mademoiselle Brinkman" 4 keer genoemd. Een voorbeeld: uit zijn aantekeningen van vrijdag 12 juni 1942 blijkt dat hij die middag samen met twee collega's, onder wie Cornelia Brinkman, een zgn. 'cadavre exquis' heeft geschreven:

"Travaillé au bureau toute la journée et joué un cadavre exquis la dernière demie heure avec Mlle's Brugg. et Brinkm., qui étaient fort surréalistes, surtout la dernière."**

Helaas is het genoemde gedicht vermoedelijk niet bewaard gebleven.

Lehmann en Brinkman leverden beiden bijdragen aan het literaire tijdschrift De Schone Zakdoek. Lehmann nam in 1944 de bijdragen van Brinkman vanuit Leiden mee naar de bijeenkomsten bij Theo van Baaren en Gertrude Pape in Utrecht.*** Zelf heeft zij die bijeenkomsten nooit bezocht.
De bijdragen van Cornelia (Cok) Brinkman zijn het surrealistische verhaal Pim en Mien en 9 decalcomanieën. Zowel het verhaal als de decalcomanieën worden momenteel bewaard in het Literatuurmuseum (voorheen: Letterkundig Museum).


Medewerkers van Brinkman's Catalogus tijdens het 100-jarig jubileum van A.W. Sijthoff Uitgeversmaatschappij, januari 1951. Zittend, tweede van links: C. Brinkman.

A.W. Sijthoff Uitgeversmaatschappij, Doezastraat 1, Leiden (foto uit januari 1951).
* In hoeverre die periodes elkaar overlappen, wordt nog uitgezocht.
** Met dank aan de weduwe van Louis Lehmann, mw. Alida Beekhuis, die zonder aarzeling toestemming gaf om dit citaat op deze website te vermelden. *** Bron: Piet Calis, Het ondergronds verwachten. Schrijvers en tijdschriften tussen 1941 en 1945 (Amsterdam, 1989).